Bed & Breakfast
Log-in



mod_vvisit_countermod_vvisit_countermod_vvisit_countermod_vvisit_countermod_vvisit_counter
mod_vvisit_counterVandaag17
mod_vvisit_counterDeze week60
mod_vvisit_counterDeze maand149
mod_vvisit_counterTotaal13362

Online nu 5
IP 38.107.179.240
,
Vandaag : 08 feb, 2012
Home Historiek

"t Hof van Engeland Estaminet"

't Hof van Engeland Estaminet De aloude afspanning 'In 't hof van Engeland', ook wel 'Engels Hof' genoemd, is naast de St.-Pieterskerk en het stadhuis één van de grootste herkenningspunten in het hedendaagse Torhout.

De herberg dateert uit de 2de helft van de 18de eeuw.
De herberg is opgetrokken in 1751, door bouwer- herbergier Gerard Farasijn.
De bouw hangt nauw samen met Wijnendale en zijn vroeg-kapitalistische heer Karl-Theodoor van Neuburg-Sülzbach. Hij rekende duidelijk op tolinningen en de exploitatie van de houtreserve in de wouden van Wijnendale. Vanaf de 19de eeuw werden de herberg en bijkomende paardenstallen tijdens de Torhoutse Paardenmarkt gebruikt door vreemde kooplui.
In het begin van de 20ste eeuw werden tussen het kasteel van Wijnendale en 't Engels Hof, wielerwedstrijden georganiseerd door Karel Steyaert, beter gekend als Karel van Wijnendale.
De herberg wordt nu uitgebaat als taverne - tearoom - eethuis- b&b

*****


 

Herberg "IN 'T HOF VAN ENGELAND ESTAMINET" cf. geschilderd opschrift op de straatgevel.
Beschermd als monument bij B.V.E. 29/06/1983.
Restauratie in 1984-1985 naar ontwerp van architect Daan Laethem (Oostkamp).

De herberg ligt vanaf het midden van de 20ste eeuw aan een druk kruispunt, dit tengevolge van de aanleg van de Vredelaan en de Noordlaan, respectievelijk in de jaren 1930 en 1960.
Voorbeeld van de herbergbouw in de late 18de eeuw. De herberg, opgetrokken langs de in 1751 aangelegde steenweg Torhout-Wijnendale ter hoogte van de samenkomst van de vroegere verbinding of "oude Thouroutstraete" (huidige Waterhoekweg/ Hogestraat), met de nieuwe steenweg.

De herberg wordt vermoedelijk in de jaren 1770-1780 gebouwd (als dusdanig nog niet aangeduid op de Ferrariskaart van 1770-1778), iets na gelijkaardige bouwwerken als "Heydelberg" te Loppem (Zedelgem) ca. 1763, "Den Engel" te Ichtegem in 1766 of "Düsseldorf"/"de Hertog van Arenberg" te Torhout in 1752-1757 (niet meer bewaard, Rijselstraat). Bouwheer is waarschijnlijk brouwer-herbergier Gerard Farasyn die rond 1788-1790 de herberg overlaat aan schoonzoon Amand De Leeuw, brouwer en herbergier van het "Blauwhuys" (Kleine Burg, Torhout).

Ca. 1870 komt de herberg in handen van Carolus Reynaert-Roets, een Torhoutse koopman. Tijdens de Torhoutse paardenmarkten (opgang in de 19de eeuw) worden de herberg en de aanpalende paardenstallingen gebruikt door vreemde kooplui (cf. bewaarde ringen in de voorgevel). Volume aangeduid op de Atlas der Buurtwegen (1846) met heel wat nutsgebouwen. Het lagere poortvolume aan de rechter zijde wordt ca. 1960 afgebroken voor een verbreding van de Zomerstraat.

Beeldbepalend en imposant herbergvolume. Dubbelhuis van vijf traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak met geknikte dakoverstek op klossen (geen goot, in patroon gelegde rode en blauw geglazuurde Vlaamse pannen). Oorspronkelijk geflankeerd door twee parallelle aanbouwen met korfboogpoorten onder lagere zadeldaken, enkel aan de linker zijde bewaard met in 1984-1985 opnieuw opengemaakte poort. Rode, verankerde baksteenbouw. Gekaleide en okerkleurig beschilderde gevel boven gepekte plint; geritmeerd door licht getoogde muuropeningen waartussen ringen voor het vastmaken van paarden. Centrale deur in geriemde omlijsting van gesinterde baksteen, bereikbaar via arduinen tredes. Wit en groen geschilderd houtwerk met T-indeling en grote roedeverdeling, beluikt op de begane grond, hermaakt naar oud model, vlaggenhouder in venster boven de deur. Op de borstwering tussen de verdiepingen, opschrift in zwarte letters.

Achtergevel met gewijzigde rechthoekige muuropeningen, gecementeerd met schijnvoegen, dito haakse achterkeuken. Achterliggend gekasseid erf met ten westen, bij de restauratie gereconstrueerd schuurtje onder zadeldak (zelfde dakbedekking als herberg), poort, houten dakkapel onder overkragend zadeldak; schuine steunberen ter hoogte van de Zomerstraat.

Ten oosten restant van voormalig bakhuis.
Het interieur weerspiegelt de herbergfunctie aan de straatzijde: twee brede haarden met bewaard houtwerk van onder meer bordenplank, één schouwmond is nog bezet met bruin-gele Torhoutse tegels op de begane grond (balkenroosteringen ingekast door valse plafonds).

Op de verdieping, oorspronkelijk gastenkamers met houten balkenroostering en muren van ruwhouten stijlen met overkalkte bepleistering.

Bron: De Inventaris van het Bouwkundig Erfgoed